TRS-80 Gebruikers Vereniging

Actief sinds 1 oktober 1978

x

TRS80.nl is wettelijk verplicht toestemming te vragen voor het gebruik van cookies. We maken gebruik van cookies voor het beheer van webstatistieken. Ze bevatten geen persoonsgegevens en zijn niet tot een individu te herleiden. Door de website te bezoeken accepteer je deze cookies.

3 augustus 1977 - 40 jaar TRS-80

In 1919 startten de twee vrienden Norton Hinckley en Dave L. Tandy in Fort Worth, Texas, een leer- en schoenbedrijf, de Hinckley-Tandy Leather Company. In 1950 splitsen de twee op en ging Dave Tandy met zijn zoon Charles verder in leerverwerking. In 1953 kochten ze American Handicrafts Company wat materialen voor doe-het-zelfers verkocht in 16 winkels. Tien jaar later werd de electronicaketen Radio Shack overgenomen en in 1977 had Tandy 3000 winkels in de USA.

Een revolutionair idee

Kort daarvoor, in 1975, kocht een van de winkelmanagers, Don French, een MITS Altair 8800. Dit was een single board computer zonder serieus display of toetsenbord. Don French raakte er sterk door geïnteresseerd en hield de inventaris van zijn winkel er mee bij. Toen hij later inkoper werd voor Radio Shack deed hij al snel het voorstel om een zelfbouwcomputer aan het assortiment toe te voegen. Zijn directe chef John Roach zag wel wat in het idee maar de hogere bazen hadden weinig interesse: te gespecialiseerd, te duur. Het idee bereikte ook Charles Tandy en deze gaf toestemming om er mee door te gaan. Enige tijd later waren Roach en French op bezoek bij National Semiconductor voor een ander project. Zij ontmoetten daar de jonge technicus Steve Leininger. Leininger begreep onmiddellijk wat Roach en French van plan waren en had daar zijn eigen ideeen over. Roach bood hem een baan aan en enige maanden later verhuisde Leininger naar Texas om bij Radio Shack aan de nieuwe computer te werken.

Geboorte van een computer

Het originele idee om een goedkope zelfbouwcomputer op de markt te brengen werd al snel verlaten: te complex, te veel kans op problemen met klanten die de kit niet werkend konden krijgen. Er werd besloten een compleet geassembleerde computer te ontwikkelen tegen een zo laag mogelijk prijs. Leininger maakte ontwerpen gebaseerd op de Motorola 6800 en de Intel 8080. Beide 8-bits processoren waren laag geprijsd maar voldeden niet aan de eisen die Leininger stelde. Hij nam contact op met Zilog die vrij recent de Z80 processor had geïntroduceerd. Hoewel de Z80 voor ongeveer $200 werd verkocht, kreeg Radio Shack een verrassend goed aanbod. Op basis van deze prijs werden de specificaties vastgesteld op:

  • Een Z80 processor met een kloksnelheid van 1.77 MHz
  • 1K RAM (dit werd al snel naar 4K bijgesteld)
  • 2K ROM (ook dit werd al snel 4K)
  • Een aangepaste versie van Tiny BASIC, geschreven door Li-Chen Wang (een heel vroeg voorbeeld van open-source software)
  • Een monochroom scherm met 16 regels van 64 tekens
  • Een cassette-recorder voor programma-opslag

Leininger maakte een prototype door middel van wire-wrapping en op 2 februari 1977 werd deze aan Charles Tandy gedemonstreerd. Deze demo verliep niet vlekkeloos: Een van de programma’s was een dummy van een belastingaangifte. Op de vraag naar zijn salaris tikte Tandy 150.000 in waarop het programma crashte. De gebruikte BASIC kon alleen 16 bit integers verwerken maar na een lager bedrag ingetypt te hebben slaagde de demo alsnog. French besloot tot een aangepaste BASIC en verkreeg toestemming om tot productie over te gaan.

Op basis van de verkoopcijfers van de MITS Altair (zo’n 1000 per maand) dachten Leininger en French aan een productie van 50.000 exemplaren. Het management dacht daar anders over en Leininger en French werden ronduit uitgelachen. Na een eerste voorstel van 1000 exemplaren werd besloten er 3000 te produceren. Aangezien Radio Shack 3000 winkels had zouden bij een flop de computers ingezet kunnen worden om de inventaris van de winkels bij te houden.

Voor de productiegang werden nog twee prototypes gebouwd waarna in een hoog tempo de computer productie-rijp werd gemaakt. De BASIC moest worden aangepast met floating point routines en de juiste I/O drivers en er moest verdere software komen. Dr. David Lien was verantwoordelijk voor de documentatie wat het hogelijk gewaardeerde boek ‘User’s Manual For Level I’ opleverde.

Voor de naam werd besloten niet de merken Realistic of Micronta te te gebruiken maar TRS-80, hetgeen staat voor Tandy Radio Shack Z80. De prijs werd vastgesteld op €599 hetgeen fors onder de prijsstelling van de eerder dat jaar geïntroduceerde Commodore PET ($795) en Apple II ($1298) lag.

Een groot succes

De introductie vond plaats op 3 augustus 1977 in het Warwick Hotel in New York City. Helaas vond op dezelfde dag, elders in New York, een tweetal bomaanslagen plaats, waardoor alle persaandacht (voor zover die er al was) werd weggetrokken bij de introductie van de TRS-80. Twee dagen later stond Radio Shack echter met een kleine stand op de Personal Computer Fair in Boston en daar liep het storm. In de dagen na deze show ontving Radio Shack honderden orders en nog meer verzoeken om informatie. Er werd meer dan 15.000 keer gebeld naar het hoofdkantoor met als gevolg dat de telefooncentrale het begaf. Eind september 1977 waren er al 10.000 bestellingen gedaan en werden nieuwe klanten op een wachtlijst geplaatst. Ondanks de ervaring die Radio Shack had met productie duurde het nog een jaar voor de wachtlijst was opgelost. Eind 1977 had Radio Shack een marktaandeel van 70%, en alleen al in 1978 verkocht Radio Shack 100.000 computers, ruim 4 maal zo veel als de grootste concurrent. Door de dominantie van Apple, Commodore en Tandy op de opkomende home-computer markt werden ze in de pers de “1977-Trinity” genoemd. Slechts één van deze drie namen heeft het succesvol 40 jaar volgehouden!

De lage prijs en het open karakter van de TRS-80 zorgden er voor dat er een enorme industrie aan hard- en software ontstond, meestal kleine bedrijfjes (‘cottage industry’) die vanuit de huiskamer of garage met wisselend succes modificaties, uitbreidingen en programma’s uitbrachten naast de ‘officiële’ producten van Radio Shack. Daarmee werden ook regelmatig problemen opgelost die de het gevolg waren van de goedkope bouwwijze, zoals het ontbreken van kleine letters (lowercase), het slechte contact van het toetsenbord, het krappe geheugen of als alternatief voor de vaak prijzige hardware-uitbreidingen die Radio Shack zelf uitbracht.

In 1980 werd opvolger Model III uitgebracht (waardoor de originele TRS-80 de Model I werd genoemd; dit was niet de officiële naam bij de introductie) en door problemen met radio-interferentie werd later dat jaar de verkoop van de Model I in de USA stilgelegd. Daarbuiten ging de verkoop nog enige jaren door, meestal met een in Japan geproduceerde versie. Deze had een stabieler video-circuit, een betere cassette-interface en een extra video-chip zodat lowercase opeens mogelijk was.

Een exact productie-aantal is niet bekend maar de verwachting is dat dit meer dan 400.000 exemplaren zijn. Van de latere Model III en 4 zijn er zelfs meer verkocht, vooral omdat Radio Shack sterk was op scholen. Door enkele grote missers (knullige marketing, onvoldoende kennis in de winkels, te lang vasthouden aan 8-bit computers, te late en onvolledige overgang naar PC’s) raakte Tandy Radio Shack het overwicht in de markt kwijt. De computerdivisie werd al in de jaren 90 afgestoten en in 2016 verdwenen door het faillissement ook de Radio Shack winkels uit de Amerikaanse winkelcentra. De internationale ambities waren al veel langer geleden opgegeven.

Stacks Image 428